Onderhoud

De kruithuisjes waren omringd door een klein grachtje, in feite niet meer dan een sloot van anderhalve meter breed. Het diende als beveiliging tegen onbevoegden en speelde bovendien een rol in de afwatering van het overtollige regenwater in het bastion. Via een riool kon het water worden geloosd in de grote gracht. Daarbij was het alleszins praktisch om bluswater bij de hand te hebben.

In de jaren na de bouw kwamen de kruithuisjes nog regelmatig ter sprake in inspectieverslagen. In maart 1666 bijvoorbeeld: ,,Wij hebben oock gevisiteert het cruijt magazijn, dat nogh redelijck wel was vorsien, van cruijt, en lonten. En in augustus 1670 werd aan de timmerman Hendrick Proomer opdracht gegeven stellingen te maken voor de kruittoren op Bastion IV, zodat hier het kruit op bewaard kon worden. Er werd aan de delegatie uit Den Haag meteen gevraagd koperen gewichten en schalen voor het afwegen en mengen van het kruit te mogen kopen, wat door de heren werd toegestaan. Bovendien was er behoefte aan drie dozijn nieuwe kruitvaten, want de meeste waren vergaan. Ook dat verzoek werd ingewilligd.

De opslag in de kruitmagazijnen verliep overigens niet altijd probleemloos. In 1670 was er namelijk sprake dat 8000 lb. (3624 kg.) kruit geklonterd en dus onbruikbaar was geworden. Dit zou zo snel mogelijk naar Delft worden gebracht, waarna 2000 lb. (906 kg.) goed kruit werd teruggezonden. In mei 1717 was het probleem van geklonterd kruit opnieuw aan de orde.

In 1708 vond er groot onderhoud plaats aan de kruithuisjes, de houten vloer was volledig vergaan en er werd besloten een palissadehek te plaatsen. In 1719 werd opnieuw opgemerkt dat de vloer van het kruitmagazijn in Bastion IV rot was, maar het zou nog drie jaar duren voordat het werd gerepareerd. Direct daarna werd het andere magazijn eveneens onder handen genomen. De vloer werd hersteld, de afwateringsbuizen vervangen en een nieuw hek aangebracht. Kortom, de houten onderdelen van de huisjes moesten met enige regelmaat worden vervangen.

In 1737 was sprake dat ,,de twee zogenaamde kruijt magazijnen, staande in de bolwerken ten wederzijde de Brielse Poort, te enemaal onbequaam waren, om eenig kruijd daar inne goed en in securiteit te kunnen houden. Er werd geopperd in het Konings Bolwerk een nieuw kruitmagazijn te bouwen, dat beter bestand tegen bommen en blikseminslagen moest zijn, maar bovenal groter ,,omme de uijtvaarende scheepen van Kruijt te kunnen voorsien. Ondanks het feit dat er opdracht werd gegeven tekeningen en een kostenbereking te maken, werd hier nooit meer op teruggekomen.